Darmtest: wat meet het en hoe lees je de uitslag?
Je hebt een darmtest gedaan en het rapport ligt voor je. Een rij bacteriegroepen, wat waarden, een paar staafjes. En dan? Anders dan bij een bloedtest, waar je meestal in één oogopslag ziet of iets te hoog of te laag is, vraagt een darmuitslag om wat meer uitleg.
Hieronder lees je wat er precies gemeten wordt, wat de belangrijkste begrippen betekenen en hoe je van een uitslag naar een volgende stap komt.
Wat een darmtest meet
Er zijn verschillende soorten darmtesten, en ze kijken naar verschillende dingen. Dat is meteen de belangrijkste reden dat uitslagen niet onderling vergelijkbaar zijn.
- Een darmgezondheidstest kijkt breed naar hoe je darmen functioneren. Denk aan markers voor ontsteking, vertering en de toestand van je darmwand.
- Een microbioomtest brengt de samenstelling van je darmflora in kaart: welke bacteriegroepen aanwezig zijn en in welke verhouding.
- Een parasietentest zoekt gericht naar parasieten en hun eitjes in je ontlasting.
Welke test bij welke klacht past, staat in darmgezondheid: hoe je darmen werken.
Diversiteit is belangrijker dan één bacterie
De meest bruikbare uitkomst van een microbioomtest is niet welke bacterie je hebt, maar hoe gevarieerd je darmflora is.
Een gezond microbioom bestaat uit veel verschillende soorten die elkaar in evenwicht houden. Neemt één groep de overhand, dan verdwijnt dat evenwicht, ook als die groep op zichzelf niet schadelijk is. Een lage diversiteit hangt in onderzoek samen met meer buikklachten en een minder veerkrachtige darmflora.
Zie je in je rapport een diversiteitsscore, dan is dat dus het getal om als eerste naar te kijken.
Begrippen die je tegenkomt
Elk laboratorium gebruikt zijn eigen indeling, maar deze termen kom je vrijwel altijd tegen.
Beschermende bacteriën
Groepen die je darmwand voeden en ongewenste bacteriën in toom houden. Ze leven grotendeels van vezels. Zijn ze ondervertegenwoordigd, dan is meer en gevarieerder vezels eten vrijwel altijd het eerste advies.
Ontstekingsremmende en butyraatvormende bacteriën
Sommige bacteriën maken uit vezels korteketenvetzuren aan, waarvan butyraat de bekendste is. Dat is de belangrijkste brandstof voor de cellen van je darmwand. Een tekort aan deze groep wijst er meestal op dat er te weinig fermenteerbare vezels binnenkomen.
Gasvormende bacteriën
Deze groep hoort erbij, maar in overmaat geeft die winderigheid en een opgeblazen gevoel. Zie ook opgeblazen gevoel en een bolle buik.
Verteringsmarkers
Deze laten zien of vetten, eiwitten en koolhydraten voldoende worden afgebroken. Wijzen ze op onvolledige vertering, dan verklaart dat vaak gasvorming en wisselende ontlasting.
pH-waarde
De zuurgraad in je dikke darm. Een licht zure omgeving hoort erbij en remt ongewenste bacteriën. Een te hoge pH wijst vaak op te weinig vezelvertering.
Waarom je uitslag een momentopname is
Je darmflora verandert sneller dan de meeste mensen denken. Een week anders eten, een reis, een antibioticakuur of een periode van veel spanning is al terug te zien in de samenstelling.
Dat betekent twee dingen. Ten eerste: neem de test af in een gewone week, niet tijdens of vlak na een vakantie, een maagdarminfectie of een antibioticakuur. Wacht na een kuur bij voorkeur enkele weken.
Ten tweede: een uitslag zegt iets over hoe het er nu voor staat, niet over hoe het altijd is. Wil je weten of een aanpassing werkt, dan is een herhaling na twee tot drie maanden zinvoller dan één losse meting.
Zo werkt de test thuis
Met de darmgezondheid test of de microbioom test neem je thuis een ontlastingsmonster af volgens de meegeleverde instructies. Je stuurt het op naar een gecertificeerd laboratorium en ontvangt binnen twee weken je uitslag met de bijbehorende referentiewaarden. Een verwijzing is niet nodig.
Voor een bruikbare uitslag:
- Neem af in een gewone week, zonder infectie of antibiotica
- Verstuur het monster dezelfde dag, zodat het niet te lang onderweg is
- Verander je voeding niet speciaal in de dagen ervoor, want dan meet je dat dieet en niet je gebruikelijke situatie
- Noteer welke medicatie je gebruikt, zeker maagzuurremmers en antibiotica
Van uitslag naar volgende stap
Grofweg zijn er drie situaties.
Alles binnen de referentie en toch klachten. Dat komt voor. Je darmflora verklaart je klachten dan waarschijnlijk niet, en het is zinvol om verder te kijken naar bijvoorbeeld voedingsintoleranties, spanning of het prikkelbaredarmsyndroom. Zie prikkelbare darm (PDS).
Lage diversiteit of te weinig beschermende bacteriën. Dit is de meest voorkomende uitkomst en tegelijk de best beïnvloedbare. Meer en gevarieerder vezels, gefermenteerde producten en variatie in je voeding hebben hier het meeste effect. Zie 7 tips voor een gezonde darmflora.
Een duidelijke afwijking of aanwijzing voor een infectie. Bespreek het rapport met je huisarts. Bij het vermoeden van een parasiet is gerichte diagnostiek nodig, zie hoe weet je of je parasieten hebt.
Wanneer je naar de huisarts gaat
Een zelftest geeft inzicht, maar stelt geen diagnose. Ga naar je huisarts bij bloed bij je ontlasting, bij onverklaard gewichtsverlies, bij aanhoudende diarree, bij een ontlastingspatroon dat plotseling verandert en zo blijft, of wanneer darmkanker in je familie voorkomt.
Neem je rapport mee naar dat gesprek. Gemeten waarden met de afnamedatum erbij geven je arts meer houvast dan een beschrijving van je klachten alleen.
-
Geplaatst in
Darmen










