Brijige ontlasting
Heb je last van brijige ontlasting? Dan merk je waarschijnlijk dat je ontlasting zachter en minder stevig is dan normaal. Soms is dit tijdelijk, bijvoorbeeld na een verandering in je voeding of door een buikgriep. Maar wat als je ontlasting bijna altijd brijig is? En wanneer kan dit wijzen op een probleem met je darmen?
Brijige ontlasting kan verschillende oorzaken hebben, van voeding en stress tot voedselintoleranties en aandoeningen van het spijsverteringsstelsel. In dit artikel lees je hoe je brijige ontlasting herkent, welke oorzaken mogelijk zijn en wat je zelf kunt doen om je stoelgang te verbeteren.
Wat is brijige ontlasting?
Brijige ontlasting is ontlasting die zacht, papperig en weinig gevormd is. In tegenstelling tot normale ontlasting heeft deze geen stevige, worstvormige structuur. Tegelijkertijd is brijige ontlasting meestal niet zo vloeibaar als waterdunne diarree.
De structuur van je ontlasting wordt voor een belangrijk deel bepaald door de hoeveelheid water die erin achterblijft. Tijdens de spijsvertering neemt je dikke darm vocht op uit de voedselresten. Wanneer er relatief veel vocht in de ontlasting achterblijft, wordt deze zachter.
Je kunt brijige ontlasting herkennen aan de volgende kenmerken:
- Een zachte, papperige of vormloze structuur.
- Ontlasting die gemakkelijk uit elkaar valt.
- Ontlasting die soms aan de toiletpot blijft plakken.
- Een grotere hoeveelheid vocht dan bij stevige ontlasting.
- Soms een sterkere geur of een andere kleur dan je gewend bent.
Brijige ontlasting hoeft niet direct te betekenen dat er iets mis is met je gezondheid. De structuur van je ontlasting kan van dag tot dag verschillen. Vooral wanneer je daarnaast geen andere klachten hebt, is een tijdelijke verandering meestal geen reden tot bezorgdheid.
Brijige ontlasting en de Bristol Stool Chart
Om de structuur van ontlasting te beoordelen, wordt vaak de Bristol Stool Chart gebruikt. Deze schaal verdeelt ontlasting in zeven verschillende typen, van harde keutels tot volledig waterdunne ontlasting.
- Type 1: Losse, harde keutels die moeilijk uit te scheiden zijn.
- Type 2: Worstvormig, maar klonterig.
- Type 3: Worstvormig met scheurtjes aan de buitenkant.
- Type 4: Glad, zacht en worstvormig.
- Type 5: Zachte, afzonderlijke stukjes met duidelijke randen.
- Type 6: Papperige, losse stukjes met rafelige randen.
- Type 7: Volledig vloeibaar, zonder vaste stukjes.
Brijige ontlasting komt vooral overeen met type 6. Type 5 is eveneens zacht, maar heeft nog duidelijk herkenbare stukjes. Type 3 en 4 worden doorgaans beschouwd als een normale, gezonde ontlastingsvorm.
Heb je regelmatig ontlasting van type 6 of 7? Dan is het verstandig om te kijken of er een verband bestaat met je voeding, leefstijl of andere darmklachten.
Wat is het verschil tussen brijige ontlasting en diarree?
Brijige ontlasting en diarree lijken op elkaar, maar betekenen niet precies hetzelfde.
Bij brijige ontlasting gaat het vooral om de structuur: de ontlasting is zacht en papperig. Bij diarree is de ontlasting doorgaans dun tot waterig en moet je meestal vaker naar het toilet dan normaal.
Toch kunnen beide verschijnselen samengaan. Wanneer je meerdere keren per dag brijige ontlasting hebt, kan er ook sprake zijn van diarree.
Een belangrijk verschil is dat een enkele zachte stoelgang meestal weinig zegt over je gezondheid. Wanneer je plotseling veel vaker naar het toilet moet, waterdunne ontlasting hebt of andere klachten ontwikkelt, is er meer reden om de oorzaak te onderzoeken.
Wat zijn de oorzaken van brijige ontlasting?
Er bestaat niet één specifieke oorzaak van brijige ontlasting. Je voeding, darmbewegingen, medicijngebruik en algemene gezondheid kunnen allemaal invloed hebben op de structuur van je ontlasting.
Hieronder bespreken we de belangrijkste mogelijke oorzaken.
1. Veranderingen in je voeding
Wat je eet, heeft direct invloed op je spijsvertering en ontlasting. Wanneer je plotseling anders gaat eten, kan je stoelgang tijdelijk veranderen.
Zo kan een sterke toename van voedingsvezels ervoor zorgen dat je ontlasting zachter wordt. Ook grote hoeveelheden vetrijke voeding kunnen bij sommige mensen darmklachten veroorzaken.
Daarnaast kunnen bepaalde voedingsmiddelen of ingrediënten een laxerend effect hebben, waaronder:
- Grote hoeveelheden vruchtensap.
- Producten met zoetstoffen zoals sorbitol of xylitol.
- Veel koffie of andere cafeïnehoudende dranken.
- Grote hoeveelheden alcohol.
- Voedingsmiddelen die je persoonlijk minder goed verdraagt.
Wanneer je ontlasting vooral na bepaalde maaltijden brijig wordt, kan het helpen om bij te houden wat je hebt gegeten.
2. Stress en spanning
Je hersenen en darmen staan voortdurend met elkaar in verbinding. Deze wisselwerking wordt ook wel de darm-hersenas genoemd.
Stress kan invloed hebben op de bewegingen van je darmen. Bij sommige mensen vertraagt de stoelgang, terwijl deze bij anderen juist sneller wordt. Wanneer voedselresten sneller door de dikke darm bewegen, kan er minder vocht worden opgenomen. Hierdoor kan de ontlasting zachter worden.
Misschien herken je dit wanneer je gespannen bent voor een belangrijke afspraak of tijdens een drukke periode. Je moet vaker naar het toilet of merkt dat je ontlasting minder stevig is.
Stress is echter niet automatisch de oorzaak van langdurige darmklachten. Blijft je ontlasting veranderen, dan is het belangrijk om ook andere mogelijke oorzaken te overwegen.
3. Voedselintoleranties
Sommige mensen kunnen bepaalde voedingsstoffen minder goed verteren of opnemen. Dit kan leiden tot brijige ontlasting, buikpijn, winderigheid en een opgeblazen gevoel.
Een bekend voorbeeld is lactose-intolerantie. Bij deze intolerantie maakt de dunne darm onvoldoende van het enzym lactase aan. Hierdoor wordt lactose, de suiker in melkproducten, niet volledig afgebroken.
De niet-verteerde lactose kan vervolgens vocht aantrekken in de darm en door darmbacteriën worden afgebroken. Dit kan zorgen voor gasvorming en dunne ontlasting.
Ook problemen met de opname van fructose kunnen vergelijkbare klachten veroorzaken.
Het is belangrijk om niet zomaar grote groepen voedingsmiddelen uit je dieet te schrappen. Wanneer je vermoedt dat je een intolerantie hebt, kan een arts of diëtist helpen om dit zorgvuldig te onderzoeken.
4. Een verandering in het darmmicrobioom
In je darmen leven biljoenen micro-organismen, waaronder bacteriën, virussen en schimmels. Samen vormen ze het darmmicrobioom, ook wel de darmflora genoemd.
Deze micro-organismen spelen onder andere een rol bij de afbraak van bepaalde voedingsvezels en de productie van stoffen die invloed hebben op de darmomgeving.
De samenstelling van het darmmicrobioom verschilt per persoon en kan veranderen door voeding, ziekte, medicijnen en andere factoren.
Bij verschillende darmaandoeningen worden veranderingen in het darmmicrobioom gezien. Toch betekent dit niet dat brijige ontlasting automatisch wordt veroorzaakt door een verstoorde darmflora.
Ook bestaat er geen universele samenstelling van darmbacteriën die voor iedereen als optimaal geldt. Een microbioomonderzoek kan informatie geven over de aangetroffen micro-organismen, maar kan op zichzelf meestal niet verklaren waarom iemand brijige ontlasting heeft.
5. Het prikkelbare-darmsyndroom (PDS)
Het prikkelbare-darmsyndroom is een aandoening waarbij de werking en gevoeligheid van de darmen veranderd zijn.
Mensen met PDS hebben vaak terugkerende buikpijn in combinatie met veranderingen in hun stoelgang. Sommige mensen hebben vooral last van verstopping, anderen van diarree of een afwisseling tussen beide.
Veelvoorkomende klachten zijn:
- Regelmatig buikpijn of buikkrampen.
- Een opgeblazen gevoel.
- Winderigheid.
- Wisselende ontlasting.
- Het gevoel dat je niet volledig bent uitgepoept.
Brijige ontlasting kan bij PDS voorkomen, maar is op zichzelf onvoldoende om deze diagnose te stellen.
6. Een darminfectie
Een infectie met een virus, bacterie of parasiet kan de normale werking van je darmen tijdelijk verstoren.
Bij een darminfectie ontstaat vaak diarree, maar de ontlasting kan ook brijig zijn. Soms heb je daarnaast last van misselijkheid, buikpijn, koorts of overgeven.
Veel darminfecties verdwijnen vanzelf. Bij sommige infecties kunnen de klachten langer aanhouden.
Een voorbeeld is een infectie met de parasiet Giardia. Deze kan onder andere langdurige dunne, sterk ruikende ontlasting, winderigheid en buikkrampen veroorzaken.
Vooral wanneer je klachten zijn ontstaan na een buitenlandse reis, contact met besmet water of een darminfectie, kan dit relevante informatie zijn voor je huisarts.
7. Medicijngebruik
Ook medicijnen kunnen invloed hebben op je stoelgang.
Antibiotica zijn een bekend voorbeeld. Deze medicijnen bestrijden bacteriën, maar kunnen tegelijkertijd de samenstelling van het darmmicrobioom veranderen. Hierdoor kan tijdelijk diarree of brijige ontlasting ontstaan.
Andere middelen die dunne ontlasting kunnen veroorzaken zijn onder andere metformine, magnesiumhoudende middelen en bepaalde laxeermiddelen.
Heb je sinds het starten van een medicijn last van brijige ontlasting? Bespreek dit dan met je huisarts of apotheker. Stop niet zelfstandig met voorgeschreven medicijnen.
8. Coeliakie
Coeliakie is een auto-immuunziekte waarbij het lichaam reageert op gluten. Deze eiwitten komen onder andere voor in tarwe, rogge en gerst.
Bij mensen met coeliakie veroorzaakt gluten een ontstekingsreactie die de dunne darm beschadigt. Hierdoor kunnen voedingsstoffen minder goed worden opgenomen.
Mogelijke klachten zijn langdurige dunne ontlasting, een opgeblazen buik, vermoeidheid, buikpijn en onbedoeld gewichtsverlies.
Niet iedereen met coeliakie heeft dezelfde klachten. Wanneer je vermoedt dat je coeliakie hebt, is het belangrijk om je eerst te laten onderzoeken voordat je glutenvrij gaat eten. Anders kunnen de testresultaten minder betrouwbaar worden.
9. Problemen met de vetvertering
Wanneer je lichaam vetten niet goed verteert of opneemt, kan je ontlasting veranderen.
Bij vetrijke ontlasting, ook wel steatorroe genoemd, is de ontlasting vaak volumineus, vettig en sterk ruikend. Soms drijft deze op het water of is de toiletpot moeilijk schoon te spoelen.
Een mogelijke oorzaak is een tekort aan spijsverteringsenzymen vanuit de alvleesklier. Ook bepaalde aandoeningen van de dunne darm of problemen met galzuren kunnen de vetvertering beïnvloeden.
Niet iedere vorm van plakkerige of brijige ontlasting is echter vetontlasting. Daarvoor is aanvullend onderzoek nodig.
10. Chronische darmontstekingen
Bij chronische darmontstekingen, zoals de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa, is sprake van ontsteking in het spijsverteringskanaal.
Deze aandoeningen kunnen onder andere langdurige diarree, buikpijn, vermoeidheid en soms bloed bij de ontlasting veroorzaken.
Een verandering in je ontlasting betekent niet direct dat je een chronische darmontsteking hebt. Wanneer de klachten langdurig aanhouden of samengaan met alarmsymptomen, is medisch onderzoek wel belangrijk.
Vaak brijige ontlasting: wanneer is het niet normaal?
Iedereen heeft weleens een dag waarop de ontlasting zachter is dan gebruikelijk. Dat hoeft geen probleem te zijn.
Maar wanneer je bijna altijd brijige ontlasting hebt, is het verstandig om te kijken hoelang dit al speelt en of je daarnaast andere klachten ervaart.
Er is bijvoorbeeld een verschil tussen iemand die al jaren eenmaal per dag zachte ontlasting heeft zonder verdere klachten en iemand bij wie de stoelgang plotseling sterk is veranderd.
Let vooral op de volgende punten:
- Hoelang is je ontlasting al brijig?
- Hoe vaak moet je per dag naar het toilet?
- Heb je ook buikpijn, krampen of winderigheid?
- Is de kleur of geur duidelijk veranderd?
- Zijn de klachten ontstaan na een infectie of verandering in je voeding?
- Val je onbedoeld af?
- Heb je bloed bij de ontlasting?
Heb je langdurig aanhoudende of terugkerende klachten zonder duidelijke verklaring? Maak dan een afspraak met je huisarts.
Brijige ontlasting en winderigheid
Brijige ontlasting gaat regelmatig samen met winderigheid of een opgeblazen gevoel.
Gas ontstaat onder andere wanneer darmbacteriën voedingsstoffen afbreken die niet volledig in de dunne darm zijn verteerd of opgenomen.
Bijvoorbeeld bij lactose-intolerantie kunnen zowel gasvorming als dunne ontlasting ontstaan.
Ook mensen met PDS hebben regelmatig last van deze combinatie.
Het moment waarop de klachten ontstaan, kan aanwijzingen geven. Heb je vooral na het eten van bepaalde producten last van winderigheid en brijige ontlasting? Dan kan een verband met voeding een rol spelen.
Dat betekent overigens niet dat alle gasvorming ongezond is. Het produceren van darmgas is een normaal onderdeel van de spijsvertering.
Brijige ontlasting die erg stinkt
Ontlasting heeft van nature een sterke geur. Deze ontstaat onder andere door stoffen die tijdens de spijsvertering en door darmbacteriën worden geproduceerd.
De geur kan veranderen door wat je eet, maar ook door de manier waarop voedingsstoffen worden verteerd.
Wanneer brijige ontlasting opvallend sterk ruikt, kunnen verschillende factoren meespelen. Denk aan bepaalde voedingsmiddelen, een darminfectie of problemen met de opname van voedingsstoffen.
Vooral de combinatie van langdurig sterk ruikende ontlasting, een vettige structuur en onbedoeld gewichtsverlies verdient aandacht.
Alleen aan de geur van je ontlasting kun je niet vaststellen wat de oorzaak is. Ook kun je op basis van de geur niet betrouwbaar bepalen welke darmbacteriën aanwezig zijn.
Gele brijige ontlasting: wat betekent dat?
Normale ontlasting is meestal bruin. Deze kleur ontstaat onder invloed van galpigmenten die tijdens de spijsvertering worden omgezet.
Toch kan de kleur variëren van lichtbruin tot donkerbruin. Ook gele ontlasting komt voor.
Wanneer voedselresten relatief snel door de darmen bewegen, kan de ontlasting een gelere kleur hebben. Daarnaast kunnen voeding en problemen met de vetopname een rol spelen.
Een enkele keer gele brijige ontlasting is meestal geen reden tot zorgen.
Blijft je ontlasting echter opvallend geel en vettig, of heb je daarnaast andere klachten? Dan is het verstandig om de oorzaak te laten beoordelen.
Bij witte of stopverfkleurige ontlasting, zeker in combinatie met donkere urine of een gele huid of gele ogen, moet je dezelfde dag medische hulp zoeken.
Slijm bij brijige ontlasting
Je darmen produceren van nature slijm. Dit helpt om de darmwand te beschermen en de ontlasting gemakkelijker door de darmen te laten bewegen.
Een kleine hoeveelheid slijm bij de ontlasting is daarom niet altijd afwijkend.
Soms wordt er meer slijm zichtbaar, bijvoorbeeld bij een darminfectie, PDS of een ontsteking van de darmen.
Wanneer je regelmatig veel slijm ziet, vooral in combinatie met bloed, buikpijn of aanhoudende diarree, is het belangrijk om contact op te nemen met je huisarts.
Elke ochtend brijige ontlasting
Sommige mensen hebben vooral 's ochtends last van brijige ontlasting.
Dat kan samenhangen met de natuurlijke activiteit van de darmen. Na het wakker worden en na het ontbijt worden de darmbewegingen vaak sterker. Dit is onderdeel van de normale darmreflexen.
Ook koffie kan de darmbewegingen stimuleren.
Wanneer je 's ochtends eenmaal zachte ontlasting hebt en verder geen klachten ervaart, hoeft dit niet direct een probleem te zijn.
Heb je echter iedere ochtend meerdere keren brijige ontlasting, veel aandrang of buikkrampen? Dan kan het zinvol zijn om te onderzoeken of voeding, PDS of een andere oorzaak een rol speelt.
Wat kun je zelf doen tegen brijige ontlasting?
Wat helpt tegen brijige ontlasting, hangt af van de oorzaak. Toch zijn er verschillende dingen die je zelf kunt proberen om je spijsvertering te ondersteunen.
1. Houd je voeding en ontlasting bij
Een voedings- en ontlastingsdagboek kan helpen om patronen te herkennen.
Noteer bijvoorbeeld gedurende één tot twee weken wat je eet en drinkt, hoe vaak je naar het toilet gaat en welke structuur je ontlasting heeft.
Gebruik eventueel de Bristol Stool Chart om de structuur te beoordelen.
Schrijf ook andere klachten op, zoals buikpijn, winderigheid en een opgeblazen gevoel.
Zo kun je ontdekken of je klachten vooral optreden na bepaalde maaltijden of op specifieke momenten van de dag.
2. Let op je vezelinname
Voedingsvezels spelen een belangrijke rol bij een normale stoelgang.
Er bestaan verschillende soorten vezels. Oplosbare vezels kunnen water vasthouden en bijdragen aan een betere consistentie van de ontlasting.
Deze vezels komen onder andere voor in havermout, bepaalde soorten fruit en psylliumvezels.
Andere vezels vergroten vooral het volume van de ontlasting en stimuleren de darmbewegingen.
Probeer voldoende en gevarieerd vezelrijk te eten. Bouw je vezelinname geleidelijk op, vooral wanneer je normaal gesproken weinig vezels eet.
Een plotselinge sterke toename kan namelijk juist extra winderigheid en buikklachten veroorzaken.
3. Drink voldoende
Voldoende drinken is belangrijk voor een normale spijsvertering.
Bij brijige ontlasting hoef je niet automatisch extra veel water te drinken. Maar wanneer je ook diarree hebt en veel vocht verliest, is het belangrijk om uitdroging te voorkomen.
Drink regelmatig verspreid over de dag. Bij waterdunne diarree kan een ORS-oplossing soms nodig zijn om verloren vocht en zouten aan te vullen.
4. Onderzoek mogelijke voedingsprikkels
Merk je dat je klachten vaak na bepaalde voedingsmiddelen ontstaan? Kijk dan of er een duidelijk patroon bestaat.
Sommige mensen reageren bijvoorbeeld op grote hoeveelheden koffie, alcohol, lactose of producten met bepaalde zoetstoffen.
Probeer niet meteen allerlei voedingsmiddelen tegelijk te vermijden. Daardoor wordt het moeilijk om te bepalen wat daadwerkelijk invloed heeft.
Bij langdurige klachten kan een diëtist helpen om mogelijke voedingsprikkels op een verantwoorde manier te onderzoeken.
5. Zorg voor voldoende beweging en ontspanning
Regelmatig bewegen ondersteunt een normale darmwerking. Ook ontspanning en voldoende slaap kunnen helpen, vooral wanneer stress een rol speelt bij je darmklachten.
Je hoeft hiervoor niet intensief te sporten. Dagelijks wandelen, fietsen of een andere vorm van beweging kan al bijdragen aan een gezonde leefstijl.
6. Gebruik niet zomaar supplementen
Er zijn verschillende supplementen verkrijgbaar die worden aangeboden ter ondersteuning van de darmgezondheid.
Denk bijvoorbeeld aan probiotica en vezelsupplementen.
Het effect verschilt echter per product en per persoon. Niet ieder probioticum heeft dezelfde werking en er is onvoldoende bewijs dat probiotica in het algemeen brijige ontlasting verhelpen.
Gebruik supplementen daarom niet als vervanging voor medisch onderzoek bij aanhoudende klachten.
Wanneer moet je naar de huisarts bij brijige ontlasting?
Brijige ontlasting is meestal niet gevaarlijk. Toch zijn er situaties waarin het belangrijk is om medische hulp te zoeken.
Maak een afspraak met je huisarts wanneer je ontlasting langdurig brijig blijft, regelmatig terugkerende diarree hebt of wanneer je stoelgang zonder duidelijke verklaring verandert.
Neem dezelfde dag contact op bij onder andere:
- Bloed bij de ontlasting.
- Aanhoudende ernstige buikpijn.
- Tekenen van uitdroging, zoals twaalf uur niet plassen bij diarree.
- Veelvuldig overgeven of ernstige waterdunne diarree.
- Een combinatie van diarree en bepaalde chronische ziekten of medicijnen.
Bij sufheid, verwardheid of het gevoel dat je gaat flauwvallen in combinatie met diarree moet je direct de huisarts of huisartsen-spoedpost bellen.
Ook onbedoeld gewichtsverlies, terugkerende nachtelijke diarree of aanhoudende klachten zijn redenen om je te laten onderzoeken.
Welk onderzoek is mogelijk bij langdurig brijige ontlasting?
Wanneer je regelmatig brijige ontlasting hebt, kan onderzoek helpen om mogelijke oorzaken op te sporen.
Welk onderzoek zinvol is, hangt af van je klachten, medische voorgeschiedenis en eventuele andere symptomen.
Een huisarts kan bijvoorbeeld bloedonderzoek of ontlastingsonderzoek aanvragen.
Ontlastingsonderzoek naar ontstekingen
Bij verdenking op een darmontsteking kan de hoeveelheid calprotectine in de ontlasting worden gemeten.
Calprotectine is een eiwit waarvan de hoeveelheid verhoogd kan zijn bij ontstekingen in de darmen.
Een verhoogde waarde bewijst niet automatisch dat je een chronische darmontsteking hebt. De uitslag moet altijd worden beoordeeld in combinatie met andere gegevens.
Onderzoek naar parasieten
Bij langdurige diarree kan in bepaalde situaties onderzoek naar darmparasieten zinvol zijn.
Dit geldt bijvoorbeeld wanneer je klachten zijn ontstaan na een reis of wanneer er een vermoeden bestaat van een infectie met Giardia.
Niet iedere parasiet die in de ontlasting wordt aangetroffen, veroorzaakt daadwerkelijk klachten.
Onderzoek naar de vetvertering
Wanneer je ontlasting opvallend vettig is en er aanwijzingen zijn voor een probleem met de vetvertering, kan gericht onderzoek worden uitgevoerd.
Een voorbeeld is het meten van pancreas-elastase in de ontlasting. Dit kan informatie geven over de aanmaak van spijsverteringsenzymen door de alvleesklier.
Onderzoek naar het darmmicrobioom
Met een microbioomtest kan de samenstelling van de bacteriën in je ontlasting worden onderzocht.
Zo'n onderzoek kan inzicht geven in de aanwezige bacteriegroepen en de onderlinge verhoudingen.
Het is wel belangrijk om te weten dat de klinische betekenis van veel microbioommetingen nog niet volledig is vastgesteld. Een microbioomtest kan daarom niet zelfstandig aantonen wat de oorzaak van brijige ontlasting is.
Bij langdurige of onverklaarde klachten blijft beoordeling door een arts belangrijk.
Meer inzicht in je darmgezondheid met Yours Health Test
Wil je meer weten over de samenstelling van je darmmicrobioom? Met onze Microbioom test van Yours Health Test kun je thuis een ontlastingsmonster verzamelen en laten analyseren.
Afhankelijk van de gekozen testvariant worden verschillende aspecten van het darmmicrobioom en aanvullende darmgerelateerde markers onderzocht.
Een dergelijke test kan aanvullende informatie geven over je darmgezondheid, maar is geen vervanging voor een medische diagnose. Ook is niet iedere test geschikt om de oorzaak van brijige ontlasting vast te stellen.
Bij aanhoudende klachten is het verstandig om eerst met je huisarts te bespreken welk onderzoek passend is.
Brijige ontlasting is meestal onschuldig, maar let op veranderingen
Brijige ontlasting komt regelmatig voor en hoeft niet direct te betekenen dat er iets mis is met je darmen. De structuur van je ontlasting kan veranderen door voeding, stress, medicijnen of een tijdelijke infectie.
Heb je echter vaak brijige ontlasting, dan is het verstandig om te kijken of er een patroon bestaat en of je daarnaast andere klachten ervaart.
Met voldoende aandacht voor voeding, beweging en je dagelijkse gewoonten kun je je spijsvertering ondersteunen. Blijven de klachten aanhouden, dan kan gericht medisch onderzoek helpen om de oorzaak te achterhalen.
Je ontlasting kan veel vertellen over je spijsvertering, maar één verandering vertelt nooit het hele verhaal.
-
Geplaatst in
Darmen










